Over goten, giften en graven
Het is donderdag 13 mei 2010, dit betekent dat het Hemelvaart is. Met Hemelvaart wordt binnen het christelijk geloof herdacht dat Jezus na zijn verrijzenis definitief naar zijn vader in de hemel gaat. Wij reizen vandaag naar de kerk aan de Kapelsteeg.
Er wordt algemeen aangenomen dat deze kerk is gebouwd rond 1520, direct na het voltooien van de Grote Kerk. De naam was eerst Onze-Lieve-Vrouwekapel of Sint-Janskapel en is pas later Kapelkerk gaan heten. De ingang van de kerk zit aan de smalle Kapelsteeg, wat raar lijkt. Maar ten tijde van de bouw van de kerk was de Laat nog water, waardoor een entree aan de lange kant van de kerk onlogisch was. De kerk is in 1707 uitgebreid met een dwarsbeuk aan de noordzijde. Hierin kwam een grote houten burgemeestersbank te staan, die alleen mocht worden gebruikt door de leden van het stadsbestuur.
In 1760 werd de kerk getroffen door een hevige brand die ontstond toen twee loodgieters een dakgoot aan het solderen waren. Het gebouw ging vrijwel geheel in vlammen op, alleen de buitenmuren bleven staan. Een bewoonster van een buurpand, Guurtje de Volder, was zo blij dat haar huis bij de brand gespaard was gebleven, dat zij de kerk een flink bedrag schonk waarmee een preekstoel uit 1726 werd aangeschaft. De notenhouten preekstoel prijkt nog steeds in het kerkinterieur. Naar aanleiding van de brand werd de toen nog primitieve brandpreventie onder de schop genomen en volgden er strenge regels voor de burgerij betreffende vuurgebruik.
Het mooie orgel, een geschenk van jonkvrouw Geertruida le Chastelain, is van de beroemde orgelbouwer Christaan Müller en diens zoon Pieter. Christiaan vervaardigde onder andere ook het orgel van de Haarlemse Sint-Bavo. De glas in loodramen in de Kapelkerk zijn van de beroemde glazenier Willem Bogtman uit Haarlem.
Eind 2002 vonden er archeologische onderzoeken plaats rond en in de kerk. Er werd een twintigtal graven geborgen. Net als in de Grote Kerk werd in de Kapelkerk begraven in houten kisten welke werden afgedekt door natuurstenen grafstenen. Er werden echter ook enkele grafkisten aangetroffen uit een oudere periode. Ook deze werden onderzocht, met een verrassende uitkomst: het hout van één van de kisten dateerde uit ongeveer 1579, een tweede na 1460 en een derde na 1461. Volgens de bestaande informatie werd door het stadsbestuur pas in 1575 besloten om de Kapelkerk als begraafplaats in gebruik te nemen, omdat toen de Grote Kerk door de bevolkingsgroei te klein dreigde te worden. Deze vondsten wijzen er echter op dat de plek van de Kapelkerk misschien al eerder gebruikt werd als begraafplaats.
- Categorieën:
- Kerken en begraafplaatsen


Reacties van anderen
Uw reactie
Plattegrond