Over eilandjes en seinmolens
Het is zondag 10 oktober 2010. Tot de 16e eeuw ligt Alkmaar in een merengebied. Rondom de stad vinden we bijvoorbeeld de Voormeer, het Zwijnsmeer en de Schermeer, maar ook het vrij ondiepe Egmonder- en Bergermeer. In laatstgenoemde merengebied lagen een aantal kleine eilandjes, onder andere Tymons en Robonsbosch.
Na de middeleeuwen worden de meren in rap tempo drooggelegd, waarbij in 1564 de Egmonder- en Bergermeer aan de beurt zijn. Vanaf dan zijn de eilandjes Tymons en Robonsbosch geen eilandjes meer, maar één geworden met het omringende poldergebied. De voormalige eilandjes worden dan aangeduid als polder, zo wordt het eilandje Robonsbosch nu de Robonsbospolder. Een poldertje ingeklemd tussen de Egmonder- en Bergermeerpolder. Aanvankelijk staat er in het poldertje een wipmolentje die als taak heeft het gebied droog te houden. In 1781 wordt de Robonsbosmolen gebouwd die de taak van het wipmolentje overneemt. Deze poldermolen bemaalt de Robonsbospolder en nog twee omliggende polders op de Schermerboezem.
In 1931 wordt de functie van de molen overgenomen door een electrisch vijzelgemaaltje. De molen blijft behouden als behuizing van dit gemaaltje en als machinistwoning. De toenmalige machinist, Van der Zel, kreeg er al snel een belangrijke taak bij, hij werd seinmolenaar. Dit betekende dat hij een belangrijke schakel was in het stelsel van peilbemaling. Zodra op de Schermerboezem een bepaald peil was bereikt, mocht er door de verschillende polders geen extra water meer op de boezems worden gebracht om overstromingen te voorkomen. Het stopsein voor alle poldermolens en -gemalen werd dan door heel Noord-Holland bekend gemaakt door het hijsen van een vlag of lantaarn in de molenwieken van de daarvoor speciaal aangewezen seinmolens. Van der Zel nam het sein over van de Sluismolen, als die zijn sein hees, moest Van der Zel dit ook doen. Mede door de opkomende bebouwing in Alkmaar, zag hij het sein wel eens over het hoofd. De seinmolenaar van de Sluismolen moest dan soms in het holst van de nacht op zijn fiets naar de afgelegen Robonsbosmolen om hem te waarschuwen.
De hoge kosten van de molen, die betaald werden door de polder, deed men besluiten om de molen voor een symbolisch bedrag over te doen aan de gemeente, op voorwaarde dat deze hem zouden restaureren. Als in 1969 de aangrenzende Bergermeerpolder de bemaling overneemt, heeft de molen helemaal geen functie meer. De gemeente begint dan in 1971 met de grondige restauratie van de molen. Echter gooit in 1972 brandstichting roet in het eten, de boosdoeners blijken met vuur spelende kinderen. De restauratie wordt doorgezet en in 1976 afgerond, waarbij de molen ook geschikt werd gemaakt voor permanente bewoning. De molen is niet maalvaardig gemaakt (hij kan niet pompen), maar wel draaivaardig. De molen werd na de restauratie, tot het opheffen van het oude seinstelsel in 1980, weer als seinmolen in gebruik genomen.
- Categorieën:
- Molens


Reacties van anderen
Pieter Musterd (busy and out) @ 2010-10-10 15:33:18
Geruime tijd heb ik -in de organisatie Bescherming Bevolking te Alkmaar- samen=gewerktt met Jaap en Koos van der Zel. Toen wonende aan de Nic.Beetskade en de Hoeverweg. Heel vaak hebben ze mij verteld over hun jeugd
en ouders , daar in die molen.
Met vr. gr. en ga zo door.
G.R.
geert rijswijk, Hoorn, holland @ 2010-10-10 21:38:06
Uw reactie
Plattegrond